• Voor 16.00 uur besteld, morgen in huis
  • Advies van productspecialisten
  • 10000+ artikelen
  • Persoonlijk zakendoen

OIT kennisbank

Orthodontisch woordenboek A-Z

Begrippen voor orthodontisten, tandartsen en dentale professionals. Zoek op begrip of blader via het alfabet.


A

Absolute anchorage

Absolute anchorage, of absolute verankering, beschrijft een situatie waarin de verankeringsunit tijdens orthodontische tandverplaatsing idealiter niet meebeweegt. Skeletale verankering met tijdelijke hulpmiddelen zoals TADs vermindert de afhankelijkheid van andere tanden. Dit is relevant bij retractie, intrusie, mesialisatie en distalisatie.

Activator

Een activator is een uitneembaar functioneel orthodontisch apparaat voor geselecteerde groeiende patiënten met een Klasse II-malocclusie. Het positioneert de mandibula voorwaarts. De effecten zijn overwegend dentoalveolair, met afhankelijk van de groeifase een beperkte skeletale component. Voldoende draagtijd is belangrijk.

Adhesive

Een orthodontische adhesive is een materiaal waarmee brackets, attachments, buttons of retainers aan tandoppervlakken worden bevestigd. De hechting hangt af van het substraat, oppervlakteconditionering, vochtcontrole, primer en polymerisatie.

Agenesie

Agenesie is het congenitaal ontbreken van een of meer gebitselementen doordat deze niet zijn aangelegd. Veelvoorkomende voorbeelden zijn tweede premolaren en laterale bovenincisieven. Behandeling omvat ruimtesluiting, ruimtebehoud voor restauratie of een gecombineerde aanpak.

ALADA

ALADA staat voor As Low As Diagnostically Acceptable. Bij beeldvorming moet de blootstelling aan ioniserende straling zo laag mogelijk blijven zonder de diagnostisch noodzakelijke beeldkwaliteit te verliezen.

ALARA

ALARA betekent As Low As Reasonably Achievable. Dit stralingsbeschermingsprincipe verlangt dat blootstelling aan ioniserende straling zo laag als redelijkerwijs haalbaar blijft. Orthodontische opnamen vereisen daarom een individuele indicatie.

Aligner

Een aligner is een uitneembare transparante kunststof voorziening die krachten op tanden overbrengt. De behandeling bestaat meestal uit een serie opeenvolgende aligners. De feitelijke tandverplaatsing kan afwijken van de digitale setup, zodat monitoring en soms refinements nodig zijn.

Aligner attachment

Een aligner attachment is meestal een composietverhoging op het tandoppervlak die de interactie met de aligner verandert. Attachments kunnen retentie en kracht- of momentoverdracht verbeteren, onder meer bij rotatie, extrusie en wortelcontrole.

Aligner staging

Aligner staging is de geplande volgorde en verdeling van tandbewegingen over opeenvolgende aligners. De volgorde is biomechanisch relevant voor verankering en tracking.

Alignment

Alignment is het uitlijnen van tanden binnen de tandboog. In de beginfase van vaste orthodontie worden hiervoor vaak flexibele NiTi-draden gebruikt. Alignment is niet hetzelfde als volledige orthodontische finishing.

ANB-hoek

De ANB-hoek is een cefalometrische maat voor het verschil tussen SNA en SNB en ondersteunt de beoordeling van de sagittale relatie tussen maxilla en mandibula. De waarde wordt beïnvloed door de craniofaciale geometrie en moet in context worden geïnterpreteerd.

Anchorage loss

Anchorage loss is ongewenste verplaatsing van de verankeringsunit. Een voorbeeld is mesiale molaarbeweging tijdens retractie van frontelementen. Of een verplaatsing ongewenst is, hangt af van het behandelplan.

Anterieure kruisbeet

Bij een anterieure kruisbeet bevinden een of meer bovenelementen zich in occlusie linguaal van de ondertanden. De oorzaak kan dentaal, functioneel of skeletaal zijn.

Anterior open bite

Bij een anterior open bite ontbreekt een normale verticale overlap van boven- en onderincisieven. De afwijking kan dentoalveolair, functioneel of skeletaal zijn. De therapiekeuze volgt uit de diagnostiek en verticale behandelplanning.

Archform

Archform is de vorm van de tandboog in het occlusale vlak. Deze kan onder andere ovaal, taps, breed of smal zijn. De boogvorm is relevant voor occlusie, parodontale grenzen en stabiliteit.

Archwire

Een archwire is een orthodontische boogdraad die door brackets en tubes loopt en krachten en momenten kan genereren. Veelgebruikte materialen zijn NiTi, roestvrij staal en beta-titanium.

B

Band

Een orthodontische band is een metalen ring die meestal om een molaar wordt gecementeerd. Banden dragen onder meer tubes, haken en expansieapparatuur.

Biomechanica

Orthodontische biomechanica onderzoekt hoe krachten en momenten tandbewegingen en reactiekrachten veroorzaken. Belangrijke begrippen zijn kracht, moment, center of resistance en moment-to-force ratio.

Bolton-analyse

De Bolton-analyse vergelijkt mesiodistale tandbreedten in boven- en onderboog om tooth-size discrepancy vast te stellen. Een afwijkende verhouding kan correcte overjet, overbite en interdigitatie bemoeilijken.

Bonded retainer

Een bonded retainer is een vaste retentiedraad aan de linguale of palatale zijde van frontelementen. Controle blijft nodig vanwege loslating, vervorming, plaqueaccumulatie en mogelijk ongewenste actieve krachten.

Bonding

Bonding is de adhesieve bevestiging van orthodontische onderdelen op tanden of restauraties. Glazuur, composiet, keramiek, zirconia en metaal kunnen verschillende oppervlaktebehandelingen vereisen.

Bracket

Een bracket is een orthodontisch attachment met een slot voor de boogdraad. Brackets verschillen in materiaal, slotmaat, prescription, ligatie en ontwerp. De tandbeweging volgt uit het volledige krachtensysteem.

Bracket prescription

De bracket prescription omvat ingebouwde waarden voor onder meer tip, torque en in-out. De uiteindelijke expressie hangt ook af van bracketplaatsing, draadmaat, slotspeling en biologische respons.

Buccal shelf

De mandibulaire buccal shelf is een gebied buccaal van de ondermolaren dat bij geselecteerde patiënten kan worden gebruikt voor extra-alveolaire miniscrews.

C

Cantilever

Een cantilever is aan één zijde gefixeerd en levert kracht aan de andere zijde. Orthodontische cantilevers, vaak vervaardigd uit beta-titanium, worden onder meer toegepast bij tractie van impacties, molaaruprighting en intrusie.

CBCT

CBCT staat voor Cone Beam Computed Tomography. Deze driedimensionale beeldvorming is bedoeld voor situaties waarin 3D-informatie relevante diagnostische meerwaarde heeft. Vanwege ioniserende straling is een individuele indicatie vereist.

Cefalometrie

Cefalometrie analyseert gestandaardiseerde schedelopnamen via anatomische landmarks, hoeken en afstanden. De methode ondersteunt de orthodontische diagnostiek, maar vervangt het klinisch onderzoek niet.

Center of resistance

Het center of resistance is een denkbeeldig punt waarbij een kracht door dat punt idealiter translatie zonder initiële rotatie veroorzaakt. De locatie hangt af van wortelmorfologie en parodontale ondersteuning.

Center of rotation

Het center of rotation is het punt waar omheen een tand tijdens een specifieke beweging roteert. De positie verandert met de verhouding tussen kracht en moment.

Clear aligner therapy

Clear aligner therapy behandelt malocclusies met opeenvolgende transparante, uitneembare kunststof aligners. Voorspelbaarheid varieert per beweging en casus en vraagt klinische monitoring.

Closing loop

Een closing loop is een lus in een orthodontische draad die bij activatie kracht en momenten kan leveren om ruimte te sluiten.

Coil spring

Een orthodontische coil spring is een spiraalveer op de archwire. Open coils worden meestal gebruikt om ruimte te openen; gesloten coils leveren trekkracht voor ruimte-sluiting.

Couple

Een couple bestaat uit twee even grote, tegengesteld gerichte parallelle krachten op verschillende werklijnen. Het resultaat is een zuiver moment zonder lineaire resultante.

Crossbite

Crossbite of kruisbeet is een afwijkende occlusale relatie waarbij bovenste tanden buccaal of linguaal van hun normale antagonistrelatie staan. Een kruisbeet kan anterieur, posterieur, uni- of bilateraal zijn.

Crowding

Crowding betekent onvoldoende ruimte voor de aanwezige tanden in de tandboog. De keuze tussen expansie, proclination, IPR, distalisatie en extractie hangt af van de diagnostiek.

CuNiTi

CuNiTi is koper-nikkel-titanium, een NiTi-gebaseerde orthodontische draadlegering waarbij koper de faseovergang en thermomechanische eigenschappen beïnvloedt.

Curve of Spee

De Curve of Spee is de anteroposterieure kromming van het occlusale vlak, vooral in de onderboog. Een diepe curve wordt regelmatig gezien bij een diepe beet.

CVM

CVM staat voor Cervical Vertebral Maturation. Kenmerken van cervicale wervels op laterale schedelopnamen ondersteunen een inschatting van skeletale maturatie, maar voorspellen individuele groei niet precies.

D

Debonding

Debonding is het verwijderen van adhesief bevestigde orthodontische onderdelen. Resterend composiet moet zorgvuldig worden verwijderd met minimale schade aan glazuur of restauraties.

Deep bite

Een deep bite is een vergrote verticale overlap van boven- en onderincisieven. Correctie kan bestaan uit incisiefintrusie, posterieure extrusie, proclination of combinaties.

Diastema

Een diastema is ruimte tussen twee aangrenzende tanden, vaak tussen de centrale bovenincisieven. De oorzaak kan onder meer liggen bij tandgrootte, agenesiën, frenulum of eruptiefase.

DICOM

DICOM staat voor Digital Imaging and Communications in Medicine, een standaard voor opslag en uitwisseling van medische beeldvorming, waaronder CBCT-gegevens.

Digital indirect bonding

Bij digital indirect bonding worden brackets virtueel gepositioneerd en vervolgens met een transfertray naar het gebit overgebracht.

Direct anchorage

Bij direct skeletal anchorage loopt de orthodontische kracht rechtstreeks van een skeletale verankering zoals een TAD naar de te verplaatsen tandgroep.

E

E-line

De E-line van Ricketts loopt van de neuspunt naar het zachte-weefselpunt van de kin. De lippositie ten opzichte van deze lijn wordt gebruikt bij profielanalyse, met aandacht voor individuele variatie.

Ectopische eruptie

Ectopische eruptie betekent dat een tand een afwijkend eruptiepad volgt, met mogelijke impactie, resorptie van buurelementen of ruimteverlies.

Edgewise appliance

Het edgewise-principe gebruikt rechthoekige horizontale bracketslots. Het straight-wire concept bouwt hierop voort door correcties in het bracketontwerp te verwerken.

Elastics

Orthodontische elastics leveren kracht tussen onderdelen van een orthodontisch systeem. Intermaxillaire toepassingen omvatten sagittale, verticale en transversale correcties, met mogelijke neveneffecten.

Elastomeric chain

Een elastomeric chain of powerchain bestaat uit verbonden elastomere elementen voor onder meer ruimtesluiting. De geleverde kracht neemt tijdens gebruik af.

En-masse retraction

En-masse retraction verplaatst meerdere frontelementen als een segment naar distaal, bijvoorbeeld na premolaarextracties. Controle van verankering, torque en verticale componenten is essentieel.

Essix-retainer

Essix wordt vaak gebruikt voor een transparante vacuum-formed retainer. De generieke term voor dit type uitneembare retainer is VFR.

Externe apicale wortelresorptie

Externe apicale wortelresorptie is verlies van wortelstructuur aan de apex en vormt een mogelijke complicatie van orthodontische tandverplaatsing. Individuele gevoeligheid verschilt sterk.

Extrusie

Extrusie is orthodontische verplaatsing van een tand in coronale of occlusale richting. Deze kan gewenst zijn of als neveneffect van mechanica ontstaan.

F

Fixed appliance

Een fixed appliance is een vast orthodontisch apparaat dat de patiënt niet zelfstandig kan verwijderen, zoals een bracketsysteem met archwires en tubes.

Force

Force is een vectoriële grootheid met grootte, richting en aangrijpingspunt. Het orthodontisch effect hangt mede af van de krachtlijn ten opzichte van het center of resistance.

Force decay

Force decay is het afnemen van een door orthodontisch materiaal geleverde kracht in de tijd, bijvoorbeeld bij elastomeren.

Force system

Een force system omvat de krachten en momenten die op tanden, tandgroepen of apparaten werken, inclusief reactiekrachten en neveneffecten.

Frictie

Frictie is weerstand tussen langs elkaar bewegende oppervlakken. Bij sliding mechanics spelen naast frictie ook binding en notching tussen draad en bracket een rol.

Functionele apparatuur

Functionele orthodontische apparatuur beïnvloedt mandibulaire positie en dentoalveolaire verhoudingen, vooral bij groeiende patiënten. Voorbeelden zijn Activator, Twin Block en Herbst.

G

Geïmpacteerde caninus

Een geïmpacteerde caninus breekt niet op normale wijze door. De bovenste caninus kan palatinaal of buccaal geïmpacteerd zijn. Behandeling varieert van interceptie tot chirurgische vrijlegging en tractie.

Groeimodificatie

Groeimodificatie benut resterende craniofaciale groei om kaakrelaties en dentoalveolaire ontwikkeling te beïnvloeden. Timing en oorzaak van de afwijking zijn belangrijk.

H

Haas-expander

Een Haas-expander is een tand- en weefselgedragen maxillaire expander met centrale expansieschroef en palataal acrylcontact.

Headgear

Headgear is extraorale orthodontische apparatuur die kracht uitoefent op maxillaire tanden of het maxillaire complex voor verankering, distalisatie of groeimodificatie.

Hyalinization

Hyalinisatie is het ontstaan van lokaal celarme zones in het parodontale ligament na compressie door orthodontische kracht. Sterke compressie kan undermining resorption veroorzaken.

Hyperdivergent groeipatroon

Een hyperdivergent groeipatroon gaat gepaard met relatief grotere verticale craniofaciale dimensies, vaak met een steiler mandibulair vlak.

Hypodivergent groeipatroon

Een hypodivergent groeipatroon gaat gepaard met relatief kleinere verticale craniofaciale dimensies, vaak met een vlakker mandibulair vlak.

I

Impactie

Impactie betekent dat een tand niet normaal doorbreekt wanneer eruptie op basis van de ontwikkelingsfase verwacht wordt. Ruimtegebrek, eruptiepad, obstakels en ankylosis kunnen een rol spelen.

Indirect anchorage

Bij indirect skeletal anchorage stabiliseert een TAD een tand of tandgroep die als verankeringsunit fungeert in plaats van rechtstreeks de te bewegen elementen te belasten.

Indirect bonding

Bij indirect bonding worden brackets eerst buiten de mond of digitaal gepositioneerd en daarna met een transfertray bevestigd.

Infrazygomatic crest

De infrazygomatic crest is een maxillair gebied dat bij geselecteerde patiënten gebruikt kan worden voor extra-alveolaire miniscrews. Anatomische beoordeling is essentieel.

Insertietorque

Insertietorque is het draaimoment tijdens het plaatsen van een miniscrew in bot. Een hoge waarde is niet automatisch gunstig; overmatige torque kan schade veroorzaken.

Intermaxillaire elastics

Intermaxillaire elastics verbinden boven- en onderboog en kunnen worden ingezet bij sagittale, verticale of transversale correcties. Reactiekrachten moeten worden meegewogen.

Interproximale reductie

Interproximale reductie (IPR) is gecontroleerde glazuurreductie tussen aangrenzende tanden voor ruimtewinst of correctie van tandbreedteverhoudingen. Meting, polijsten en documentatie zijn belangrijk.

Intraorale scanner

Een intraorale scanner legt gebit en omliggende structuren vast als digitaal driedimensionaal oppervlak voor modellen, aligners, apparaten, retainers en digitale workflows.

Intrusie

Intrusie is verplaatsing van een tand in apicale richting en vereist nauwkeurige biomechanische en biologische controle.

IPR

IPR staat voor Interproximal Reduction en is gecontroleerde reductie van interproximaal glazuur om ruimte te winnen of tandbreedteverhoudingen te corrigeren.

K

Klasse I-malocclusie

Bij een Angle Klasse I is de sagittale molaarrelatie in beginsel normaal, terwijl crowding, rotaties, diepe beet of andere afwijkingen aanwezig kunnen zijn.

Klasse II divisie 1

Klasse II divisie 1 is traditioneel een Klasse II-molaarrelatie met relatief geproclineerde bovenincisieven en vaak een vergrote overjet.

Klasse II divisie 2

Klasse II divisie 2 is traditioneel een Klasse II-molaarrelatie met relatief geretroclineerde centrale bovenincisieven. Een diepe beet komt geregeld voor.

Klasse II-malocclusie

Een Klasse II-malocclusie beschrijft volgens Angle een distale relatie van de mandibulaire ten opzichte van de maxillaire dentitie. Dentale en skeletale Klasse II moeten worden onderscheiden.

Kruisbeet

Een kruisbeet is een afwijkende transversale of anterieure occlusale relatie. Een unilaterale posterieure kruisbeet kan bij kinderen samengaan met een functionele mandibulaire verschuiving.

L

Labial bow

Een labial bow is een draadcomponent langs de labiale zijde van frontelementen, onder andere gebruikt bij Hawley-retainers.

Leveling

Leveling is het corrigeren van verticale verschillen in de tandboog, waaronder een diepe Curve of Spee, door intrusie, extrusie of tipping.

Lingual arch

Een lingual arch is een vaste draad die meestal mandibulaire molaren via banden verbindt en langs de linguale zijde van de ondertanden loopt.

Linguale orthodontie

Linguale orthodontie gebruikt brackets aan de linguale of palatale zijde van de tanden. Biomechanica en klinische toegankelijkheid verschillen van labiale systemen.

Loop mechanics

Loop mechanics gebruikt draadlussen om gerichte krachten en momenten te leveren. Draadlengte, vorm, materiaal en activatie bepalen de mechanische eigenschappen.

M

Malocclusie

Een malocclusie is een afwijking in tandstand of in de relatie tussen boven- en ondergebit, met mogelijke dentale, skeletale en functionele componenten.

MARPE

MARPE staat voor Miniscrew-Assisted Rapid Palatal Expansion. Miniscrews helpen expansiekracht naar het skelet over te brengen en dentoalveolaire neveneffecten te beperken.

Maximum anchorage

Maximum anchorage betekent dat tijdens de verplaatsing van andere elementen zo weinig mogelijk verplaatsing van de verankeringsunit wordt toegestaan.

Mesialisatie

Mesialisatie is orthodontische verplaatsing van een tand in de richting van de mediaanlijn, bijvoorbeeld om een extractieruimte te sluiten.

Midlijn

De dentale midlijn loopt tussen de centrale incisiven. Boven- en ondermidlijn worden met elkaar en met de faciale midlijn vergeleken.

Mini-implant

Een orthodontisch mini-implant is een tijdelijke botverankerde schroef. De term wordt vaak gebruikt als synoniem voor miniscrew of TAD.

Miniplate

Een orthodontische miniplate is een chirurgisch gefixeerde botplaat voor skeletale verankering. Plaatsing en verwijdering zijn invasiever dan bij gewone miniscrews.

Molaarintrusie

Molaarintrusie is de apicale beweging van molaren. De techniek wordt onder andere gebruikt bij geselecteerde open-bitebehandelingen.

Moment

Een moment is het rotatie-effect van een kracht rond een punt. De grootte is de kracht maal de loodrechte momentarm.

Moment-to-force ratio

De moment-to-force ratio (M/F) beschrijft de verhouding tussen moment en kracht. De verhouding helpt het type tandbeweging te verklaren.

Moyers-analyse

De Moyers-analyse voorspelt in de gemengde dentitie tandbreedten van niet-doorgebroken canini en premolaren op basis van mandibulaire incisieven en populatietabellen.

N

Nance-appliance

Een Nance-appliance combineert meestal molaarbanden en een palatale acrylbutton om onder meer mesiale molaarbeweging te beperken.

NiTi

NiTi staat voor nikkel-titanium, een draadlegering die afhankelijk van de variant superelasticiteit en shape-memory-effect vertoont. Het materiaal wordt veel gebruikt voor initiële alignment.

Non-extractiebehandeling

Bij een non-extractiebehandeling worden geen permanente tanden verwijderd om orthodontische ruimte te creëren. Andere ruimtebronnen kunnen expansie, IPR, proclination of distalisatie zijn.

O

Open bite

Bij een open bite ontbreekt in een bepaald gebied de verwachte verticale overlap of het contact tussen antagonistische tanden. Deze kan anterieur of posterieur zijn.

OPG

OPG staat voor orthopantomogram, een panoramische röntgenopname die onder meer tandaanwezigheid, eruptie en wortelmorfologie in beeld brengt.

Orthodontische tandverplaatsing

Orthodontische tandverplaatsing is de biologische respons op mechanische belasting waarbij remodeling van het parodontale ligament en alveolaire bot optreedt.

Orthognathische chirurgie

Orthognathische chirurgie corrigeert skeletale dentofaciale afwijkingen door chirurgische kaakverplaatsing, vaak in combinatie met orthodontie.

Overbite

Overbite is de verticale overlap van boven- en onderincisieven. Een vergrote overbite heet deep bite.

Overcorrection

Overcorrection is het bewust verder plannen van een correctie om onvolledige expressie of terugval op te vangen, mits biomechanisch onderbouwd.

Overjet

Overjet is de horizontale afstand tussen boven- en onderincisieven, gewoonlijk in sagittale richting gemeten.

P

Palatale TAD

Een palatale TAD is een miniscrew in het palatum voor skeletale verankering, bijvoorbeeld voor distalisatie, mesialisatie, expansie of indirecte anchorage.

Parodontaal ligament

Het parodontale ligament (PDL) ligt tussen wortelcement en alveolair bot en speelt een centrale rol bij de biologische respons op orthodontische krachten.

Pendulum-appliance

Een Pendulum is een intraorale maxillaire distalizer met veren. Bij tandgedragen ontwerpen moet rekening worden gehouden met reactiekrachten en anchorage loss.

Posterior crossbite

Een posterieure kruisbeet is een afwijkende transversale occlusale relatie van premolaren of molaren. De oorzaak kan dentaal, functioneel of skeletaal zijn.

Power arm

Een power arm verandert het aangrijpingspunt en daarmee de krachtlijn van een orthodontische kracht. Dit beïnvloedt de rotatieneiging tijdens onder meer retractie.

Powerchain

Powerchain is de gangbare benaming voor elastomeric chain, toegepast onder andere voor ruimtesluiting. Het materiaal vertoont krachtverlies tijdens gebruik.

Primaire stabiliteit

Primaire stabiliteit is de mechanische stabiliteit van een orthodontische miniscrew direct na plaatsing. Botdikte, schroefontwerp en techniek zijn bepalende factoren.

Proclinatie

Proclinatie is het naar labiaal of buccaal hellen van de kroon, vooral van incisiven. De beweging beïnvloedt ruimte, profiel en parodontale grenzen.

Protractie

Protractie is beweging in anterieure richting, bijvoorbeeld maxillaire protractie met een facemask.

Q

Quad Helix

Een Quad Helix is een vast bovenkaaks expansieapparaat met vier helices, meestal bevestigd aan bovenmolaren. Het wordt toegepast bij langzame expansie en kruisbeetcorrecties.

R

Rapid Maxillary Expansion

Rapid Maxillary Expansion (RME) gebruikt transversale expansiekrachten om bij geselecteerde patiënten onder meer de midpalatinale sutuur te beïnvloeden.

Reciprocal anchorage

Bij reciprocal anchorage bieden twee tandgroepen ongeveer vergelijkbare weerstand en bewegen zij onder een onderlinge kracht naar elkaar toe of van elkaar af.

Refinement

Een refinement is een aanvullende alignerfase na de eerste serie wanneer restafwijkingen moeten worden gecorrigeerd, vaak na een nieuwe scan.

Relapse

Relapse is het terugkeren van tanden of kaakrelaties richting eerdere posities na orthodontische behandeling. Retentie helpt dit te beperken.

Retainer

Een retainer is een vaste of uitneembare voorziening om de bereikte tandpositie na orthodontische behandeling te ondersteunen.

Retentie

Retentie is de fase na actieve orthodontie waarin de bereikte tandposities worden behouden. Langdurige controle en retentie kunnen noodzakelijk zijn.

Root movement

Root movement is orthodontische beweging met relatief meer wortel- dan kroonverplaatsing, waarvoor een hoge moment-to-force ratio nodig is.

Root paralleling

Root paralleling is het positioneren van wortels in de gewenste onderlinge relatie, bijvoorbeeld bij finishing of implantologische ruimtevoorbereiding.

Root torque

Root torque is controle van de labiolinguale of buccolinguale wortelpositie ten opzichte van de kroon, via een adequaat momentsysteem.

Rotatie

Rotatie is het draaien van een tand rond de lange as of een ander rotatiecentrum. Retentie na correctie kan belangrijk zijn.

S

Scissor bite

Een scissor bite is een transversale afwijking waarbij bovenste posterieure tanden volledig buccaal van de onderste occluderen zonder normale interdigitatie.

Segmented arch technique

De segmented arch technique verdeelt de tandboog in segmenten om gecontroleerde kracht- en momentsystemen toe te passen.

Self-ligating bracket

Een self-ligating bracket heeft een ingebouwd mechanisme om de boogdraad in het slot te houden. Veronderstelde biologische voordelen vragen afzonderlijke onderbouwing.

Sequential distalization

Sequential distalization verplaatst tanden in een geplande volgorde naar distaal. Bij aligners ondersteunt dit de organisatie van verankering.

Skeletale anchorage

Skeletale anchorage gebruikt botverankerde hulpmiddelen, zoals miniscrews en miniplates, als orthodontische verankeringsbron.

Skeletale Klasse I

Skeletale Klasse I beschrijft een globaal harmonische sagittale maxillo-mandibulaire relatie en is niet hetzelfde als een Angle Klasse I-molaarrelatie.

Skeletale Klasse II

Skeletale Klasse II beschrijft een sagittale relatie waarbij de mandibula relatief posterieur of de maxilla relatief anterieur ligt, of beide.

Slow Maxillary Expansion

Slow Maxillary Expansion is geleidelijke maxillaire verbreding met doorgaans lagere krachten en tragere activatie dan klassieke RME.

Smile arc

De smile arc is de relatie tussen de kromming van de incisale randen van de boventanden en de onderlipcontour tijdens lachen.

SNA-hoek

De SNA-hoek geeft de anteroposterieure maxillapositie ten opzichte van de sella-nasionlijn weer.

SNB-hoek

De SNB-hoek beschrijft de anteroposterieure mandibulapositie ten opzichte van de sella-nasionlijn.

Spacing

Spacing is een overschot aan ruimte in de tandboog ten opzichte van de aanwezige tanden.

Stainless steel

Stainless steel is een relatief stijf en goed vormbaar orthodontisch draadmateriaal voor onder meer working stages, space closure en finishing.

STL

STL is een bestandsformaat voor driedimensionale oppervlaktegeometrie, onder meer gebruikt voor digitale orthodontische modellen en 3D-printing.

Superelasticiteit

Superelasticiteit is een eigenschap van bepaalde NiTi-materialen waarbij grote elastische vervormingen mogelijk zijn met een relatief vlak krachttraject.

T

TAD

TAD staat voor Temporary Anchorage Device, een tijdelijk botverankerd hulpmiddel voor orthodontische verankering. Miniscrews zijn een bekend voorbeeld.

TAD failure

TAD failure betekent dat een tijdelijk botverankerd hulpmiddel klinisch niet langer bruikbaar is, bijvoorbeeld door mobiliteit, ontsteking of mechanisch falen.

Tanaka-Johnston-analyse

De Tanaka-Johnston-analyse voorspelt tijdens de gemengde dentitie de breedte van niet-doorgebroken canini en premolaren uit metingen van mandibulaire incisieven.

TMA

TMA is een handelsbenaming voor beta-titanium orthodontische draad. Het materiaal is goed vormbaar en minder stijf dan roestvrij staal.

Torque

Torque is orthodontische controle van labiolinguale of buccolinguale inclinatie van kroon en wortel, via een kracht- en momentsysteem.

TPA

TPA staat voor Transpalatal Arch, een draadconstructie tussen bovenmolaren die onder meer dient voor verankering, rotatiecontrole en transversale stabiliteit.

Tracking

Tracking beschrijft hoe goed aligners tijdens behandeling aansluiten bij de werkelijke tandpositie. Onvoldoende tracking kan verschillende mechanische of patiëntgebonden oorzaken hebben.

U

Utility arch

Een utility arch is een draadconfiguratie voor gerichte controle van onder meer frontelementen en molaren, bijvoorbeeld bij incisiefintrusie.

V

Vacuum-formed retainer

Een vacuum-formed retainer (VFR) is een transparante uitneembare retainer die over de tandboog past. Slijtage, vervorming en draagtijd beïnvloeden de werking.

Vertical control

Vertical control is het beheersen van verticale tand- en kaakveranderingen tijdens orthodontische behandeling, bijvoorbeeld bij open beet en molaarintrusie.

Virtual treatment setup

Een virtual treatment setup is een driedimensionale simulatie van geplande tandbewegingen en eindposities en vormt geen garantie voor de biologische behandeluitkomst.

W

White spot lesion

Een white spot lesion is een zichtbaar wit-opake zone van glazuurdemineralisatie. Plaque rond vaste orthodontische apparatuur kan het risico verhogen.

Wire sequence

Een wire sequence is een geplande opeenvolging van orthodontische boogdraden, vaak van flexibele initiële NiTi naar stijvere working wires.

Wire syndrome

Wire syndrome beschrijft ongewenste progressieve tandverplaatsingen door een vaste retainer die onbedoeld actieve krachten uitoefent.

Wits-analyse

De Wits-analyse beoordeelt de sagittale kaakrelatie via de projecties van punten A en B op het functionele occlusale vlak en vormt een aanvulling op de ANB-hoek.

Z

Zirconia bonding

Zirconia bonding is adhesieve bevestiging van orthodontische onderdelen aan een zirconiarestauratie. Geschikte oppervlaktebehandeling wijkt af van conventioneel etsen van glaskeramiek.

Productspecialist

Productspecialist spreken?

Onze specialisten staan klaar om u een passend advies te geven. Bel of Whatsapp op 033-2043010 en kom direct in contact met ons.

Bel naar 033-2043010
Whatsapp ons

Bespaar tijd met uw eigen catalogus

Altijd uw favoriete producten binnen handbereik

Sneller bestellen: Altijd direct toegang tot uw meest gebruikte producten.

Minder zoeken: Bewaar uw favorieten overzichtelijk op één plek.

Eenvoudig herbestellen: Bestel met één klik uw terugkerende benodigdheden.

Account aanvragen